Registratie Huurcontracten

Verplichte registratie van huurcontracten!

Sinds 1 januari 2007 is de verhuurder verplicht om een huurcontract van een onroerend goed dat uitsluitend bestemd is voor de huisvesting van een gezin of van één persoon te laten registreren.  In dit beknopt artikel beperken we ons tot de belangrijkste wijzigingen voor dergelijke contracten.

Welke huurcontracten?

Deze verplichting geldt voor alle woninghuurovereenkomsten die betrekking hebben op de hoofdverblijfplaats van de huurder alsmede voor alle huurovereenkomsten betreffende studentenkamers.

Termijn

De verhuurder beschikt over een termijn van twee maanden vanaf de ondertekening van het contract om de registratieverplichting te vervullen.
Voor bestaande huurcontracten werd een overgangsperiode voorzien van zes maanden. Huurcontracten daterend van voor 1 januari 2007 moeten dus uiterlijk 30 juni 2007 worden geregistreerd.  Volledigheidshalve noteren wij dat op grond van een evaluatie tijdens de maand april 2007 de regularisatietermijn bij Koninklijk Besluit kan worden verlengd met drie maanden.
Bij niet of laattijdige registratie kan een fiscale geldboete worden opgelegd van 25 euro.

Sancties

Belangrijker is evenwel de burgerlijke sanctie: de huurder kan de niet-geregistreerde huurovereenkomst op ieder ogenblik onmiddellijk, zonder opzeggingstermijn en zonder schadevergoeding beëindigen!
Laatstgenoemde sanctie is niet van toepassing op contracten van korte duur.

Sinds 1 januari 2007 is de registratie van deze huurcontracten gratis.
Vroeger bedroeg dit 25 euro registratierecht en 5 euro per fiscale zegel.

Marc Poncelet
Accountant-Belastingconsulent.

Nieuws

De belastingadministratie heeft eind februari via een circulaire haar standpunt bekendgemaakt over de fiscale gevolgen van thuiswerk. De aanleiding is de COVID-19-crisis, maar het nieuwe standpunt staat verder los van de pandemie: ze geldt voor alle situaties van thuiswerk sinds 1 maart 2021.

Na twee Europese veroordelingen heeft België het belastingstelsel voor buitenlandse onroerende goederen aangepast. U krijgt tot eind 2021 om via een bijzondere aangifte de waarde van het inkomen van die buitenlandse onroerende goederen te bepalen. Daarna moet u er – misschien – belastingen op betalen.

We kunnen een uitgiftepremie het best definiëren als het verschil tussen het kapitaal vertegenwoordigd door nieuwe aandelen, en de prijs die u voor die aandelen moet betalen. Maar hoe moet dat als de vennootschap geen maatschappelijk kapitaal heeft?

Schrijf u in op onze nieuwsbrief