Wanneer kunnen kmo's een groepsvordering indienen?

Sinds 1994 kunnen consumenten een vordering tot collectief herstel of groepsvordering instellen. De wetgever baseert zich nu op dezelfde principes voor de vordering tot collectief herstel ten voordele van kmo’s. Sinds 1 juni 2018 kunnen ook zij deze zogenaamde class action indienen bij bepaalde massaschade.

Groep van kmo's

De vordering tot collectief herstel kan ingesteld worden door een groep van kmo's die, ten persoonlijke titel, schade geleden hebben door een contractuele of wettelijke inbreuk (bv. het mededingingsrecht), zoals die is beschreven in de ontvankelijkheidsbeslissing.

In casu hanteert men de (ruime) Europese kmo-definitie:

minder dan 250 werknemers, en

jaaromzet niet hoger dan 50 miljoen euro, of

jaarlijks balanstotaal niet hoger dan 43 miljoen euro.

De groep wordt samengesteld:

via 'opt-in' (optiesysteem met inclusie): op basis van de ondernemers die expliciet aangeven deel te willen uitmaken van de groep of

via 'opt-out' (optiesysteem met exclusie): op basis van alle ondernemers die schade hebben geleden, behalve diegene die aangeven geen deel te willen uitmaken van de groep.

Aanduiding van groepsvertegenwoordiger

De groep van kmo's moet worden vertegenwoordigd door één enkele groepsvertegenwoordiger:

een interprofessionele organisatie ter verdediging van de belangen van de kmo's die rechtspersoonlijkheid bezit en voor zover zij in de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de KMO vertegenwoordigd is of door de minister erkend is (bv. UNIZO, UCM);

een vereniging met rechtspersoonlijkheid sedert ten minste drie jaar op de dag waarop zij de rechtsvordering tot collectief herstel instelt en die door de minister van Justitie erkend is;

een vertegenwoordigende instantie erkend door een lidstaat van de Europese Unie of de EER om als vertegenwoordiger op te treden.

Verzoekschrift

Het verzoekschrift tot een collectief herstel wordt gericht aan of neergelegd bij de griffie van de rechtbank van koophandel (binnenkort ondernemingsrechtbank) van Brussel. Het bevat:

het bewijs dat voldaan is aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden;

een beschrijving van de collectieve schade;

het optiesysteem en de redenen van die keuze;

de beschrijving van de groep met een nauwkeurig raming van het aantal benadeelde personen; ingeval het gaat over een groep met subcategorieën worden de inlichtingen verduidelijkt per subcategorie.

Wanneer het verzoekschrift onvolledig is, zal de griffie de verzoeker uitnodigen om het aan te vullen binnen de 8 dagen. Een verzoekschrift dat niet, onvolledig of laattijdig is aangevuld, wordt geacht niet te zijn ingediend.
De rechter beslist binnen de 2 maanden na het indienen van het verzoekschrift over de ontvankelijkheid. Zijn beslissing wordt gepubliceerd in het Staatsblad en op de website van de FOD Economie.

Minnelijk akkoord

Tijdens een verplichte onderhandelingsfase streven de partijen naar een minnelijke regeling. De onderhandelingsfase begint wanneer de termijn voor de groepsleden om in of uit de groep te stappen is verstreken, en bedraagt minimaal 3 en maximaal 6 maanden.
Het sluiten van dit akkoord staat los van de erkenning van de aansprakelijkheid of schuld van de verweerder.
Het akkoord tot collectief herstel wordt gehomologeerd door de rechter (behalve in enkele specifieke gevallen). In zijn homologatiebeschikking duidt de rechter een schadeafwikkelaar aan.

Beslissing ten gronde

Wanneer de partijen geen minnelijk akkoord afsluiten, neemt de rechter een beslissing ten gronde: uitvoering in natura of schadevergoeding (globaal bedrag te verdelen of bedrag per gedupeerde). Ook dan stelt hij een schadeafwikkelaar aan.

Uitvoering van akkoord of beslissing ten gronde

Wanneer het gehomologeerde akkoord of de beslissing ten gronde van de rechter volledig is uitgevoerd, bezorgt de schadeafwikkelaar een eindverslag aan de rechter. De groepsvertegenwoordiger en de verweerder ontvangen dit verslag ook ter info.

Door het eindverslag goed te keuren, maakt de rechter definitief een einde aan de procedure van de schadeafwikkelaar die de gemaakte kosten en zijn vergoeding kan terugvorderen van de verweerder.
Een eventueel restsaldo wordt teruggegeven aan de verweerder en kan dienen voor een compenserende vergoeding.

In werking?

Ja. De vordering tot collectief herstel kan worden ingesteld voor zover de gemeenschappelijke oorzaak van de collectieve schade zich na 1 september 2014 heeft voorgedaan.

Nieuws

Zowel in Vlaanderen als in Brussel kiest de gewestregering voor de zogenaamde handelshuurlening om huurders van commerciële panden te ondersteunen. Ook de verhuurder wordt er beter van want hij heeft zekerheid over de betaling van minstens een deel van de huur.

Als een werkgever een bedrijfswagen ter beschikking stelt van een werknemer of bedrijfsleider, dan wordt die werknemer/bedrijfsleider op het voordeel belast. De berekening van het voordeel is onder meer afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig tegenover de “gemiddelde uitstoot van het Belgische wagenpark”. Die gemiddelde uitstoot ging in 2020 na twee jaar van stijging, terug naar beneden. Goed nieuws voor het klimaat maar minder goed nieuws voor uw portefeuille.

Wie WVV zegt, denkt meteen aan de nieuwe regels voor vennootschappen. Een kapitaalloze BV, nieuwe regels inzake stemrecht, een andere invulling voor de coöperatieve vennootschap, … Maar ook voor de bestuurders veranderde er heel wat.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief