Wanneer zijn restaurantkosten aftrekbaar?

Een zakenetentje is een uitstekende manier om een moeilijk contract te onderhandelen. De restaurantkosten die u daarbij maakt zijn echter maar gedeeltelijk aftrekbaar. We zetten de regels nog even kort op een rijtje.

Beperking tot 69 %

De aftrek van beroepsmatige restaurantkosten is beperkt tot 69 %.

Wanneer en met wie?

Alleen restaurantkosten met een beroepskarakter zijn aftrekbaar. Houdt u een etentje met een privékarakter, dan kunt u de kosten helemaal niet inbrengen. Hier geldt immers de algemene regel dat kosten alleen aftrekbaar zijn als ze gemaakt worden om een beroepsinkomen te verwerven of behouden.

Dat houdt in dat wanneer u uit eten gaat en met wie een invloed heeft op de aftrekbaarheid:

Wie: Een etentje met uw familie heeft normaalgezien een privékarakter, ook al is het in feite niet uitgesloten dat u zaken doet met familieleden. U kunt de kosten dus niet aftrekken. De fiscus is daar nogal streng in: als u een zakendiner hebt, waarbij u en uw zakenrelatie hun partner meebrengen, is de kans groot dat de fiscus op zijn minst een deel van de kosten niet zal aanvaarden.

Wanneer: De fiscus gaat er in principe van uit dat zakenlunches doorgaan tijdens de week. Houdt u een (zakelijk) etentje tijdens het weekend, dan zal de controleur snel vermoeden dat het eigenlijk om een privé-etentje gaat.

Maar waar u gaat eten, zou eigenlijk geen verschil mogen maken.  De hoogte van de rekening is in principe relevant: u kunt dus zowel naar een broodjeszaak gaan als naar een sterrenrestaurant. De prijs wordt alleen een probleem als het echt excessief wordt. De fiscus aanvaardt immers geen kosten die op onredelijke wijze de beroepsbehoefte overtreffen.  Wanneer kosten onredelijk zijn, is een feitenkwestie. Een wat overdreven voorbeeld: als u een jaarlijks inkomen aangeeft van 15.000 euro en u wil voor 4.000 euro restaurantkosten aftrekken.

Niet zwart-wit

De discussie is niet zwart-wit. In de praktijk is er altijd interpretatie. Probeer dus uw controleur met de nodige bewijzen te overtuigen dat uw restaurantbezoek wel degelijk een beroepskarakter had. Lukt dat niet, leg dan uw zaak voor aan de rechtbank.

Uitzondering voor vertegenwoordigers in de voedingssector

De restaurantkosten van vertegenwoordigers in de voedingssector zijn wel volledig aftrekbaar. De fiscus past deze uitzondering strikt toe: alleen wie producten voor menselijke consumptie verkoopt, komt in aanmerking. Vallen dus buiten de regel: verkopers van eetservies, keuken(machine)s, rookwaren en dierenvoedsel.

Ten slotte een woordje over de btw

Btw op restaurantkosten is niet aftrekbaar. U kunt de btw dus niet recupereren. Dit wordt deels gecompenseerd doordat u 69 % van de restaurantkosten inclusief btw, in de inkomstenbelasting aftrekt.

Nieuws

Bij “Hervorming vennootschapsbelasting 2017” denkt u in eerste instantie aan het goede nieuws: de verlaging van het nominale tarief naar 25% (vanaf 2020). De hervorming bevatte echter ook een reeks compenserende maatregelen. De hervorming komt vanaf 2020 op kruissnelheid … de compenserende maatregelen dus ook.

Vanaf 1 januari 2020 zijn zogenaamde dubbele bestuursmandaten verboden. Het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen verbiedt dit. Het wetboek treedt stapsgewijs in werking. 1 januari 2020 is één van de cruciale data en het verbod om als bestuurder én als vaste vertegenwoordiger in een raad van bestuur te zetelen, treedt op die datum in werking.

We kunnen niet voldoende blijven benadrukken hoe belangrijk 1 januari 2020 is voor de toepassing van het nieuwe wetboek van vennootschappen en verenigingen. Zelfs als u niets verandert aan uw statuten, aan uw maatschappelijk kapitaal of zelfs aan uw benaming, dan nog moet u vanaf 1 januari rekening houden met nieuwe spelregels.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief