UBO-register: verduidelijkingen

De vierde en vijfde antiwitwasrichtlijn verplichten vennootschappen, trusts, vzw’s, …aan te geven wie er achter hen staat. Als een vennootschap een inbreuk pleegt op die antiwitwaswetgeving, dan kan uitgezocht worden wie eigenlijk achter de vennootschap zit (de ultimate beneficiary, uiteindelijke begunstigde of genieter dus). Recent is deze wetgeving nog wat verder aangescherpt.

UBO sinds 2019

De Belgische UBO-wetgeving dateert van 2017 (de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten).

Die wet verplicht de wettelijke vertegenwoordiger (of zijn lasthebber) van de vennootschap, vereniging, stichting, ... om aangifte te doen van de identiteit van de uiteindelijke genieter. In die aangifte moet hij/zij melding maken van:

naam en voornaam, geboortedatum, rijksregisternummer (of gelijkaardig identificatiemiddel voor buitenlandse UBO), nationaliteit en adres van de UBO;

de datum waarop hij of zij UBO werd;

de categorie van UBO;

of het gaat om een rechtstreekse of onrechtstreekse UBO (indien het laatste: het aantal tussenpersonen en hun identiteit, de omvang van het uiteindelijke belang in de vennootschap);

of het gaat om een alleenstaande of gegroepeerde UBO.

De bedoeling was dat de wet in werking zou treden op 31 oktober 2018 maar omdat tal van uitvoeringsbesluiten nog niet klaar waren, werd het uiteindelijk 30 september 2019. Toen vervolgens bleek dat vele vennootschappen en verenigingen niet zo'n haast hadden gemaakt met de aangifte, communiceerde de overheid dat ze voor de periode van 1 oktober tot 31 december 2019 een gedoogbeleid zou voeren zodat u eigenlijk tot 31 december 2019 tijd had om uw vennootschap te registreren in het UBO-register zonder een sanctie.
Sinds 1 januari 2020 zijn er wel sancties.

Sinds 15 augustus 2020

Een wet van 20 juli 2020 breidt de aangifteplicht nog wat verder uit: de uiteindelijke begunstigde is voortaan verplicht om zijn informatie over te maken aan de vennootschap of rechtspersoon waarvan hij zelf de uiteindelijk begunstigde is. Die was daar tot nog toe niet toe verplicht wat het voor de vennootschap onmogelijk kon maken om haar verplichtingen na te komen.

Het voornaamste gevolg van deze nieuwe regel is nu dat als de uiteindelijke genieter weigert zijn gegevens aan de vennootschap, vereniging, stichting, ... te geven, hij/zij zelf gestraft kan worden met de sancties die voorzien zijn in de witwaswetgeving, zijnde een boete van 250 tot 50.000 euro.

De nieuwe regel is van toepassing sinds 15 augustus 2020.

Nieuws

De berekening van het voordeel van alle aard voor de bedrijfswagen is onder meer afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig tegenover de ‘gemiddelde uitstoot van het Belgische wagenpark’. Die gemiddelde uitstoot ging in 2018 en 2019 naar omhoog waardoor het voordeel kleiner werd. Door een nieuwe wet kan dat niet meer.

Als een werknemer een bedrijfswagen ter beschikking krijgt, dan wordt hij belast op een voordeel van alle aard. Betaalt die werknemer een bijdrage voor die bedrijfswagen, dan is die bijdrage aftrekbaar van het voordeel. Kosten die werknemer zelf ten laste neemt, lijken daarentegen niet aftrekbaar van het belastbaar voordeel.

Dividenden zijn in principe onderworpen aan een roerende voorheffing (RV) van 30%. Er zijn enkele lagere tarieven waaronder voor dividenden van zogenaamde VVPR-bis aandelen. De fiscus heeft recent laten weten dat interimdividenden en tussentijdse dividenden uit VVPR-bis aandelen ook in aanmerking komen voor het verlaagd tarief.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief