Tarieven en deadline voor de vennootschapsbijdrage van 2021

De “jaarlijkse bijdrage ten laste van de vennootschappen bestemd voor het sociaal statuut der zelfstandigen” is een sociale bijdrage die vennootschappen moeten betalen ter financiering van de pensioenen en van de ziekteverzekering van zelfstandigen. Wat zijn de tarieven voor 2021?

Wie betaalt?

Jaarlijks moeten vennootschappen een bijdrage betalen die dient om de pensioenen en de ziekteverzekering van zelfstandigen te financieren. De vennootschap haalt daar zelf geen enkel “voordeel” uit.

De bijdrage is verschuldigd door alle vennootschappen die in België aan inkomstenbelastingen onderworpen zijn, hetzij onder de Belgische vennootschapsbelasting, hetzij aan de Belgische belasting van niet-inwoners/vennootschappen.
Zit u in één van die twee situaties, dan moet de vennootschap zich aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds en op dat ogenblik is de vennootschap in principe de bijdrage verschuldigd.

Hoeveel betalen?

Er zijn slechts twee tarieven. Of u het hoge of het lage tarief betaalt, hangt af van het balanstotaal.
Het lage tarief bedraagt net zoals vorig jaar 347,50 euro. Het hoge tarief blijft ook ongewijzigd op 868 euro.

Maar het grensbedrag van het balanstotaal gaat wel lichtjes omhoog omdat het indexgebonden is. Het gaat van 702.954,74 euro naar 706.579,60 euro.

Quid startende vennootschappen

Startende vennootschappen zijn de bijdrage dat zelfde jaar nog verschuldigd als ze werden opgericht vóór 1 april van het bijdragejaar. Een vennootschap die werd opgericht op 1 april 2021 of daarna, is de bijdrage dus niet verschuldigd in 2021.
De eerste twee jaren van onderwerping is de vennootschapsbijdrage in elk geval maar 347,50 euro. Nadien hangt de bijdrage af van het balanstotaal van het voorlaatste afgesloten boekjaar. Voor de bijdrage van 2021 kijkt u dus naar het balanstotaal eind 2019.

Noteer nog dat vennootschappen de eerste drie jaar vanaf de oprichting geen bijdrage verschuldigd zijn op voorwaarde dat a) het niet gaat om naamloze vennootschappen en b) alle mandatarissen en een meerderheid van de werkende vennoten die geen mandataris zijn, maximaal drie jaar zelfstandige waren gedurende de tien jaar onmiddellijk voorafgaand aan de oprichting van de vennootschap.

Voor jaren dat uw vennootschap niet actief is, kan u vrijstelling vragen. U moet dan een attest van non-activiteit aanvragen bij de Federale Overheidsdienst Financiën, afdeling “controle vennootschappen”.

Wanneer betalen?

De vennootschapsbijdrage is in principe verschuldigd voor 1 juli van het bijdragejaar. Dat werd in 2020 na een wetswijziging éénmalig uitgesteld tot 31 oktober 2020 (en tot 31 december 2020 werden geen verhogingen aangerekend wegens laattijdige betaling).
Ook voor 2021 komt er een dergelijk uitstel. Het parlement heeft intussen een wet goedgekeurd die de deadline verschuift naar 31 december 2021.

Nieuws

De berekening van het voordeel van alle aard voor de bedrijfswagen is onder meer afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig tegenover de ‘gemiddelde uitstoot van het Belgische wagenpark’. Die gemiddelde uitstoot ging in 2018 en 2019 naar omhoog waardoor het voordeel kleiner werd. Door een nieuwe wet kan dat niet meer.

Als een werknemer een bedrijfswagen ter beschikking krijgt, dan wordt hij belast op een voordeel van alle aard. Betaalt die werknemer een bijdrage voor die bedrijfswagen, dan is die bijdrage aftrekbaar van het voordeel. Kosten die werknemer zelf ten laste neemt, lijken daarentegen niet aftrekbaar van het belastbaar voordeel.

Dividenden zijn in principe onderworpen aan een roerende voorheffing (RV) van 30%. Er zijn enkele lagere tarieven waaronder voor dividenden van zogenaamde VVPR-bis aandelen. De fiscus heeft recent laten weten dat interimdividenden en tussentijdse dividenden uit VVPR-bis aandelen ook in aanmerking komen voor het verlaagd tarief.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief