Werken op een feestdag opent recht op inhaalrust

Werknemers te werk stellen op feestdagen is in principe verboden. Als zondagsarbeid is toegestaan, mag uw werknemer wel tijdens een feestdag werken. Hij heeft dan recht op "inhaalrust".

Inhaalrust voor arbeid op een feestdag

In de Arbeidswet worden bedrijven, instellingen en werkzaamheden opgesomd waar arbeid op zondag is toegestaan (zie art. 66 Arbeidswet van 16 maart 1971; bv. hotels, restauratiebedrijven, verbruikszalen, voedingsmiddelenbedrijven, apotheken, ...). Als zondagsarbeid is toegestaan, is ook werken op een feestdag toegestaan.
De werknemer die op een feestdag of op een vervangingsdag voor een feestdag heeft gewerkt, heeft recht op inhaalrust. Die inhaalrust moet samenvallen met een gewone activiteitsdag van de werknemer en het moet gaan om betaalde inhaalrust. Het loon voor een dag inhaalrust is niet noodzakelijk hetzelfde als het loon voor de feestdag zelf. Dit wordt bepaald door de prestaties die op de feestdag en op de inhaalrustdag moesten worden verricht.

Duur inhaalrust

De duur van de inhaalrust wordt forfaitair vastgesteld.
De rusttijd bedraagt een volle dag als de arbeid langer dan vier uren heeft geduurd.
Men kan ten minste van een halve dag rust genieten, als men niet langer dan vier uren heeft gewerkt. De inhaalrust moet dan worden verleend vóór of na 13 uur. Die dag mag men maximaal vijf uur arbeid verrichten.
Een andere regeling is echter mogelijk. Zo heeft de deeltijdse werknemer die tijdens een feestdag wordt tewerkgesteld, recht op inhaalrust waarvan de duur gelijk is aan de werkelijke duur van de op de feestdag verrichte arbeid.

Tijdstip inhaalrust

De inhaalrust wordt toegekend binnen de zes weken die volgen op de feestdag of binnen de zes weken die volgen op het einde van een eventuele schorsingsperiode van de arbeidsovereenkomst (bv. door ziekte, ongeval, bevalling).
Bij opzegging van de arbeidsovereenkomst moet de inhaalrust vóór het verstrijken van de opzeggingstermijn worden toegekend.

Inhaalrust voor arbeid op zondag

Recht op inhaalrust voor arbeid op een feestdag, is niet het zelfde als het recht op inhaalrust voor werknemers die op een zondag arbeid verrichten. Wie werkt op zondag, heeft recht op inhaalrust in de loop van de zes dagen die op de bewuste zondag volgen (tenzij het werknemers in ploegenarbeid betreft). Hier gaat het om onbetaalde inhaalrust daar de gewone rustdag ook niet wordt betaald.
De inhaalrust moet niet noodzakelijk samenvallen met een normale werkdag. De inhaalrust mag wel niet samenvallen met een inhaalrustdag voor arbeid op een feestdag.

Nieuws

De berekening van het voordeel van alle aard voor de bedrijfswagen is onder meer afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig tegenover de ‘gemiddelde uitstoot van het Belgische wagenpark’. Die gemiddelde uitstoot ging in 2018 en 2019 naar omhoog waardoor het voordeel kleiner werd. Door een nieuwe wet kan dat niet meer.

Als een werknemer een bedrijfswagen ter beschikking krijgt, dan wordt hij belast op een voordeel van alle aard. Betaalt die werknemer een bijdrage voor die bedrijfswagen, dan is die bijdrage aftrekbaar van het voordeel. Kosten die werknemer zelf ten laste neemt, lijken daarentegen niet aftrekbaar van het belastbaar voordeel.

Dividenden zijn in principe onderworpen aan een roerende voorheffing (RV) van 30%. Er zijn enkele lagere tarieven waaronder voor dividenden van zogenaamde VVPR-bis aandelen. De fiscus heeft recent laten weten dat interimdividenden en tussentijdse dividenden uit VVPR-bis aandelen ook in aanmerking komen voor het verlaagd tarief.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief