Btw-bouwaangifte: eenvoudiger en digitaal

Wie een nieuwe woning plaatste vóór juni 2018 kan er van mee spreken: de btw-aangifte was een bouwproces op zich. Kopies van tientallen documenten en facturen plus alle bouwplannen… binnen de 3 maanden over te maken aan de belastingadministratie. Weldra wordt al die rompslomp vervangen door een vragenlijst die u online kan invullen.

20 augustus 2018

Tot 20 augustus 2018 moest u als bouwheer in geval van nieuwbouw of verbouwing, een btw-aangifte indienen binnen de 3 maanden na de betekening van het kadastraal inkomen. In die aangifte moest u opnemen, de bouwplannen, bestekken en alle facturen. De bedoeling van die aangifte was om de waarde van de woning te vergelijken met de facturen die u betaalde om zo te controleren of er geen zwartwerk verricht is geweest. Als u een woning van 300.000 euro neerzet en u heeft maar voor 150.000 euro facturen ... dan gaat er ergens in een belastingkantoor een alarmbel rinkelen.

Maar vanaf 20 augustus 2018 is het dus afgelopen met die papiermolen. Geen aangifte meer ... in afwachting van een nieuw formulier. En dat nieuw formulier is nu in aantocht. Een koninklijk besluit van 28 mei 2019 bepaalt de inhoud van dat formulier én bovendien wordt het meteen gedigitaliseerd.

Nieuw formulier

Dat nieuwe formulier is vooral een vragenlijst. De bouwheer zal de volgende zaken moeten meedelen:

de aard van de uitgevoerde werken (is het een nieuwbouw of een heropbouw na afbraak) en het btw-tarief dat werd toegepast (6, 12 of 21%);

de relevante architectonische kenmerken van het gebouw (bv. de grondoppervlakte van de verschillende verdiepingen van het gebouw, het aantal verdiepingen, de vorm van het gebouw, het type dak of de aanwezigheid van kelders of bijgebouwen);

de relevante bouwtechnieken die werden toegepast (zoals bv. de installatie van zonnepanelen, warmtepompen, airco, vloerverwarming, domotica, enz.);

de kostprijs exclusief btw van de bouwwerken;

een overzicht van de zelf uitgevoerde werken;

informatie over de mogelijke bestemming van het gebouw (bv. verhuur of onmiddellijke doorverkoop).

In principe zal u als bouwheer, net zoals voorheen, een bericht van de administratie krijgen dat u deze 'aangifte' nog moet doen en de termijn die u krijgt is ook nog steeds 3 maanden. Maar nieuw is wel dat u die aangifte in principe online moet invullen... tenminste als die webapplicatie klaar is.

Binnenkort... maar dan vanaf 20 augustus 2018

We schreven het hierboven al ... het nieuwe formulier is in aantocht. Van zodra het formulier bestaat, zal de belastingadministratie het document verzenden aan al wie sinds 20 augustus 2018 een btw-aangifte had moeten indienen. En vanaf dat moment heeft u als bouwheer nog 3 maanden om het terug te sturen.

Als de webapplicatie klaar is, zal u geen formulier meer krijgen maar uitgenodigd worden de vragenlijst online in te vullen ... ook weer binnen de 3 maanden. Maar als u kan aantonen dat u niet over de nodig IT infrastructuur beschikt mag u het ook nog op papier invullen.

Papier door de versnipperaar?

Wacht! Niet te snel!
U moet die documentatie dan weliswaar niet meer doorsturen ... u moet ze zelf bijhouden en wel 5 jaar. Gedurende die periode kan de btw-administratie u nog bijkomende inlichtingen vragen als er een te groot verschil is tussen de btw die u betaalde aan aannemers en de btw die u volgens de waarde van de woning had moeten betalen. Van de naar schatting 40.000 aangiften per jaar zullen er ongeveer 5.000 een nadere controle ondergaan.

Een hele vooruitgang alhoewel het jammer blijft dat u de belastingadministratie informatie moet geven die ergens al bij een andere overheidsinstantie aanwezig is. Maar blijkbaar is die informatie nog niet voldoende gestructureerd of uniform om ze te delen met andere administraties. Voorlopig moet u in uw bouwplannen dus nog een btw-hoekje voorzien.

Nieuws

Bij een inbreng, fusie of splitsing is het niet ongebruikelijk dat de partijen een bepaalde datum vastprikken voor de waardering van hun deal. Vervolgens worden nog diverse afspraken gemaakt en wordt het contract soms pas maanden later getekend. Hoe gaat de fiscus om met die terugwerkende kracht.

Eind 2020 verhoogde de wetgever het standaardtarief van de investeringsaftrek van 8% naar 25% voor de vaste activa die worden verkregen of tot stand gebracht tussen 12 maart 2020 en 31 december 2022. Daardoor ligt het standaardtarief hoger dan het ‘verhoogde tarief’. Welk tarief is toepasselijk voor investeringen die onder aanslagjaar 2023 vallen ?

Als de vennootschap een kost draagt die de bedrijfsleider ten goede komt, kán die uitgave volgens de bezoldigingstheorie beschouwd worden als een vergoeding voor het geleverde werk. Onder voorwaarden. Het Hof van Beroep van Antwerpen besliste onlangs dat een stijging van de omzet een goed argument is in die discussie.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief